Toen imec twintig jaar geleden zijn eerste stappen zette in Nederland, werd dat meteen als ambitieus onthaald. In een interview bij de start spraken journalisten over Champions League-niveau: over nieuwe manieren van samenwerken en over technologie die toepassingen mogelijk zou maken, die toen nog futuristisch klonken. Die verwachtingen en ideeën werden ook vastgelegd in 'Roads into the future’.
Vandaag zitten Jo De Boeck, toen mee aan de wieg van imec Nederland, en Jesse Robbers, huidig managing director, samen rond de tafel. De wereld is intussen grondig veranderd. Maar opvallend: veel van de toenmalige aspiraties blijken vandaag nog altijd richtinggevend.
Jo De Boeck: “We zijn nooit vertrokken vanuit één concrete toepassing. Wat we wel heel scherp zagen, was dat chip- en digitale technologie steeds bepalender zouden worden in heel uiteenlopende domeinen. Dat inzicht is overeind gebleven, ook al zijn de context en de uitdagingen vandaag compleet anders.”
Jesse Robbers: “Wat mij treft, is hoe robuust die initiële keuzes waren. Niet omdat men toen alles kon voorspellen, maar omdat het imec-model toelaat om kort op de bal te spelen wanneer nieuwe uitdagingen zich aandienen. Dat maakt ons vandaag relevanter dan ooit.”

Jesse Robbers en Jo De Boeck
Nederland als bewuste keuze
De keuze voor Nederland, met zijn sterke industriële spelers, een open samenwerkingscultuur en regio’s met een uitgesproken technologische dynamiek, was geen toeval. Imec-expertise zou er geen bestaande structuren vervangen, maar iets toevoegen.
Jo De Boeck: “De aanleiding was het initiatief van Philips om zijn campus open te stellen en uit te bouwen tot de High Tech Campus. Op hun vraag om daar open innovatie mee vorm te geven, brachten we imecs roadmaps voor ultralaagvermogencomponenten en -systemen in. Die sloten goed aan bij het sterke Nederlandse ecosysteem. Daarachter zat een breder uitgangspunt: hoe brengen we chipexpertise binnen in ecosystemen die al sterk zijn, maar waar die laag nog ontbreekt? Ook voor ons betekende dat bijleren. Het is nooit een eenrichtingsverhaal geweest.”
Die aanpak leidde tot samenwerkingen die intussen iconisch zijn geworden binnen het Nederlandse innovatie-ecosysteem. Holst Centre op de High Tech Campus in Eindhoven groeide uit tot een gezamenlijk innovatiecentrum met TNO, waar imec-technologie wordt gekoppeld aan toepassingen in onder meer health, automotive en hightech-industry. In OnePlanet Research Center brengt imec chiptechnologie samen met maatschappelijke uitdagingen in zorg, landbouw en milieu, in samenwerking met Wageningen University & Research, Radboud Universiteit en Radboudumc in Nijmegen.
Ambitie die meebeweegt met de wereld
In 20 jaar tijd is het speelveld fundamenteel veranderd. Digitalisering en AI zijn intussen alomtegenwoordig, microchips zijn uitgegroeid tot een strategische factor in geopolitiek en industriebeleid en Europa heeft chiptechnologie expliciet op de agenda gezet.
Jesse Robbers: “De wereld waarin we vandaag werken, verschilt totaal van die van twintig jaar geleden. De schaal, de complexiteit en de strategische betekenis van chiptechnologie zijn fundamenteel toegenomen.”
Die verschuiving vertaalt zich ook in waar imec vandaag actief is. Expertise die bij de start vooral met één of enkele sectoren werd geassocieerd, wordt nu ingezet in een veel bredere waaier aan toepassingen, terwijl de onderliggende technologie telkens verder kan worden verdiept en hergebruikt.
Jesse Robbers: “Met onze expertise in chiptechnologie, in draadloze communicatie en in fotonica, sluiten we aan waar die technologie relevant wordt. Dat kan in gezondheidszorg en agrifood, of in nieuwe domeinen zoals aerospace & security. Zo maken we nieuwe toepassingen mogelijk.”
Ook voor de toekomst liggen er kansen op het snijvlak van fotonica, quantumtechnologie, 3D- en heterogene integratie en AI. Deze technologieën staan niet los van elkaar: fotonica kan bijdragen aan energiezuinige dataverbindingen voor AI en aan de verbinding tussen quantumsystemen, terwijl 3D- en heterogene integratie verschillende chips, materialen en functies samenbrengen. Juist die wisselwerking opent mogelijkheden voor nieuwe generaties chips en systemen.
ASML en vroege toegang tot technologie
Imec heeft altijd nauw samengewerkt met industriële partners. Zo is er de strategische samenwerking met ASML die al decennia bestaat, nog van vóór de oprichting van imec Nederland. In 2024 werd dit verder versterkt met de opening van het gezamenlijke High NA EUV Lithography Lab in Veldhoven.
Jesse Robbers: “Samen met ASML richten we het High NA EUV Lithography Lab in Veldhoven op. Internationale chipfabrikanten kunnen er in een vroege fase de nieuwste generatie lithografie testen om de introductie van High NA in de chipindustrie te versnellen. Een technologie die cruciaal is voor de toekomstige generatie AI-chips.”
Die vroege toegang is ook voor ASML van strategisch belang. Door klanten en partners in een experimenteeromgeving te laten werken met nieuwe systemen, wordt duidelijk hoe ASML-technologie hen kan helpen. Dat versnelt innovatie, verkleint risico’s en versterkt de concurrentiekracht van Europa in het globale halfgeleiderecosysteem.

ASML imec High NA lab
Toegang tot chipproductie en start-up ondersteuning
Het principe van toegang tot nieuwe chiptechnologie en nauwe begeleiding past imec ook toe via ondersteunende programma’s zoals IC-Link by imec, imec.xpand en imec.istart. Daarmee krijgen bedrijven, universiteiten en start-ups toegang tot chipontwerp en -productie en begeleiding richting marktintroductie.
IC-Link begeleidt bedrijven bij het volledige chipdesigntraject en levert oplossingen op maat. Het onafhankelijke durfkapitaalfonds imec.xpand ondersteunt deep tech start-ups bij hun nanotechnologie-innovaties.Met imec.istart helpt imec technologie start-ups via coaching, infrastructuur en toegang tot internationale netwerken.
Ook in Nederland neemt imec die programma’s op, met een eigen team dat ze afstemt op de behoeften en spelers van het lokale ecosysteem.
Europa, de Chips Act en strategische keuzes
Op Europees niveau krijgt chiptechnologie vandaag een steeds prominentere plaats in het technologiebeleid. Europa maakt strategische keuzes om zijn toekomstige economische en technologische slagkracht veilig te stellen. In de Europese Chips Act worden halfgeleiders expliciet benoemd als een cruciale pijler voor onderzoek, industrie en innovatie.
Binnen dat kader wordt ingezet op een samenhangend geheel van pilootlijnen en competentiecentra. Pilootlijnen bouwen voort op diepgaande technologische expertise en infrastructuur, terwijl competentiecentra die kennis toegankelijk maken voor bedrijven en regio’s, en de vertaalslag naar economische toepassing ondersteunen. Zo stimuleert Europa gerichte kennisdeling en samenwerking over regio’s heen, met als doel bedrijven en kennisinstellingen sneller met elkaar te verbinden rond concrete technologische noden.
Jo De Boeck: “Naast het hosten van de NanoIC pilootlijn, de grootste onder de EU Chips Act, is imec is bij bijna alle strategische Europese pilootlijnen betrokken. Dat is niet toevallig. Dat is het resultaat van jarenlang investeren in kernexpertises, infrastructuur en samenwerkingsmodellen, in België én in Nederland. Samen vormen die één geheel dat Europa vandaag nodig heeft.”
Imec is ook actief aanwezig in het ChipNL Competence Centre, onder meer via IC-Link.
Jesse Robbers: “Voor imec Nederland betekent die Europese dynamiek dat we onze sterktes, van fotonica en geavanceerde halfgeleiders tot AI-gedreven chiptechnologie, rechtstreeks kunnen inzetten met lokale partners onder andere via het ChipNL Competence Centre. Zo maken we expertise uit Europese pilootlijnen en competentiecentra concreet relevant voor het Nederlandse ecosysteem.”
Samenwerking en langetermijnvisie als motor voor impact
Het imec-effect ontstaat niet in isolatie, maar in de wisselwerking met industrie, kennisinstellingen en overheden.
Jesse Robbers: “We willen samenwerken, altijd. Aansluiten bij industriële ontwikkelingen, mee evolueren met partners. Dat vraagt om een model waarin publieke en private middelen elkaar versterken, met een evenwichtige bijdrage van overheid en industrie en een duidelijke economische impact. In zo’n model kunnen nieuwe technologieën doorgroeien van onderzoek naar toepassing.”
Die manier van werken vertrekt expliciet van concrete vragen en trajecten uit industrie en maatschappij. De impact is zichtbaar in gezamenlijke onderzoeksprogramma’s, maar ook in start-ups, spin-offs en ondersteuning van bedrijven die toegang zoeken tot chiptechnologie.
Vanuit imec Nederland groeiden verschillende technologiebedrijven en start-ups die vandaag internationaal actief zijn, zoals Bloomlife, LifeSense, Onera, Axelera AI en Eyeo. Die dynamiek wordt versterkt door nauwe samenwerkingen met ecosystemen zoals Brainport Eindhoven en PhotonDelta. Voor Nederland, waar de halfgeleiderindustrie een economische sleutelrol speelt, betekent dat meer technologische en industriële slagkracht.

Chip van imec spin-off Axelera AI
Tegelijk wordt benadrukt dat duurzame impact tijd vraagt. Innovatie laat zich niet afdwingen in korte cycli en heeft nood aan ruimte om nieuwe ideeën te verkennen.
Jo De Boeck: “Zonder strategische publieke ondersteuning kun je weinig betekenen. Innovatie vraagt soms aanzienlijke investeringen voordat ze tastbare resultaten oplevert. Dat vraagt vertrouwen en een langetermijnblik.”
Die tijd en dat vertrouwen zijn nodig om strategisch te kunnen werken en tegelijk disruptief te blijven, zonder het contact met de economische realiteit te verliezen. In die spanning ligt de kern van verantwoorde innovatie. Onderzoekscentra zoals imec spelen daarin een belangrijke rol: ze slaan de brug tussen langetermijnonderzoek aan universiteiten en toepassingen in de industrie, en helpen nieuwe technologieën in een pre-competitieve fase verder te ontwikkelen en risico’s te verminderen voordat ze hun weg naar de markt vinden.
Jo De Boeck: “Je moet de beste mensen de kans geven om vooruit te denken en te experimenteren. Maar innovatie kan nooit losstaan van de wereld waarin ze ontstaat. Uiteindelijk moet ze bijdragen aan het economische weefsel en maatschappelijke vooruitgang.”
Talent en verankering
Voor Jesse Robbers begint die verantwoordelijkheid bij talent en verankering.
Jesse Robbers: “Technische universiteiten zoals Eindhoven, Twente en Delft, zijn cruciale partners. Ze zorgen voor een continue instroom van talent en sterke gezamenlijke onderzoeksprojecten. In combinatie met de betrokkenheid van landelijke, regionale en lokale overheden die mee investeren in kennis, infrastructuur en mensen, ontstaat een dynamiek die het hele Nederlandse innovatieklimaat versterkt.”

Imec verankerd in het Nederlandse ecosysteem
Terugblik met vooruitzicht
Als Jo De Boeck en Jesse Robbers terugkijken op 20 jaar imec Nederland, overheerst geen gevoel van afronding, maar van continuïteit. Veel is gerealiseerd. Nog meer ligt open.
Jesse Robbers: “Als je gelooft in de technologische trends van vandaag en morgen, en als Nederland daarin een rol wil spelen, dan moet je ook structureel investeren. Imec is geen luxe, maar een verzekeringspremie.”
Die investeringen hebben de voorbije 20 jaar geleid tot een sterk ecosysteem rond chiptechnologie in Nederland, met nauwe samenwerking tussen industrie, universiteiten en onderzoekscentra, en imec Nederland als verbindende schakel. De komende jaren wil het die rol verder uitbouwen.
Jesse Robbers: “Onze ambitie is om hier verder te bouwen aan wat je het Silicon Valley van de Lage Landen zou kunnen noemen: een plek waar diepe technologische expertise, industrie en onderzoek samenkomen. Die unieke combinatie willen we verder ontwikkelen en internationaal laten doorwegen.”
Tegelijk openen zich nieuwe strategische opportuniteiten. In sectoren zoals aerospace & security spelen chiptechnologie, sensoren en AI een steeds crucialere rol in het versterken van Europa’s technologische autonomie.
Jesse Robbers: “In die domeinen zullen we, samen met sterke partners, onze expertise binnenbrengen en voortbouwen op de technologische en industriële basis die in Nederland al aanwezig is.”
Die combinatie van lokale verankering en internationale oriëntatie maakt volgens Jo De Boeck duidelijk waarom de Nederlandse ervaring zo belangrijk is voor imec als geheel. Vandaag is imec actief in veertien landen, waarvan acht in Europa. Nederland was de eerste stap buiten Vlaanderen en groeide uit tot een referentiepunt binnen dat internationale netwerk, mede dankzij de nauwe samenwerking tussen imec in Nederland en in Vlaanderen.
Jo De Boeck: “Wat imec Nederland heeft opgebouwd, toont dat samenwerken loont en dat het imec-model werkt in een land dat inzet op kennis, samenwerking en consistent beleid. Die ervaring nemen we mee in nieuwe internationale samenwerkingen, altijd afgestemd op de context van de regio.”
De conclusie ligt voor de hand, zonder grootse woorden. De wereld verandert sneller dan ooit. Maar precies omdat het imec-model niet vastzit aan één toepassing of één bepaalde context, bewijst het ook 20 jaar later zijn waarde.
Met 250 gedreven onderzoekers en experts, sterke industriële partners en een groeiend netwerk van start-ups en spin-offs is imec Nederland uitgegroeid tot een vaste waarde in het wereldwijde technologie-ecosysteem.
Wat ooit ambitieus klonk, blijkt vandaag realiteit. En vooral: een stevig vertrekpunt voor wat nog komt.

Jo De Boeck is Executive Vice President and Chief Strategy Officer at imec. Hij behaalde zijn diploma Elektrotechniek en PhD aan de KU Leuven en werkt sinds 1986 bij imec. In zijn carrière leidde hij onderzoek naar nieuwe materialen en systeemfunctionaliteiten en groeide hij door verschillende leidinggevende functies, waaronder VP Microsystems, Managing Director van imec Nederland en Chief Technology Officer. Sinds 2018 is hij Chief Strategy Officer, met focus op publiek-private samenwerkingen, overheidsrelaties, de imec-innovatiepipeline, spin-offs en academische relaties. Daarnaast is hij deeltijds professor aan KU Leuven.

Jesse Robbers is Vice President bij imec en Regional Managing Director van imec Nederland. Hij heeft ruime ervaring in deep tech, quantumtechnologie, digitale infrastructuur en telecommunicatie, met een sterke focus op de verbinding tussen onderzoek, industrie en overheid. Voor zijn komst naar imec was hij medeoprichter en bestuurslid van Quantum Delta NL (QDNL), het nationale quantum-initiatief van Nederland. Daar leidde hij het domein Industry & Digital Infrastructure en leidde hij de (inter)nationale Quantum Netwerk ontwikkelingen. Hij droeg ook bij aan de ontwikkeling van de Nationale Technologiestrategie (NTS).
More about these topics:
Published on:
9 October 2026











